Translate


Het nieuwste boek van
Orchida: Azijn in mijn aderen

coverazijninmijnaderen

 

Miep Gies
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
1995
Amsterdam
Miep Gies was helper van de familie Frank tijdens de oorlog en ook degene die het dagboek van Anne Frank wist te redden. Miep Gies heeft zichzelf nooit een held gevonden, maar kreeg toch diverse hoge onderschedingen uitgereikt waaronder de Yad Vashem medaille, het Bundesverdienstkreuz en in juli 2009 kreeg zij nog het Groot Ereteken van Verdiensten voor de republiek Oostenrijk uitgereikt door ambassadeur Wolfgang Paul. (noordholland.blog)

1994

Ria Oomen
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
1994
Ria Oomen is lid van het Europees Parlement sinds 1989 en lid van het presidium van de EVP-Fractie in de periode 1989-1999. Zij was lid van de Tweede Kamer en lid van het fractiebestuur CDA (1981-1989). Verder was ze landelijk voorzitter federatie CDA-jongeren en lid dagelijks bestuur federatie CDA (1976), lid EVP-Raad en lid EVP-bestuur (1989-1999). Ze vervult diverse voorzitterschappen van  sociaal/maatschappelijke organisaties waaronder dat van voorzitter van de Stichting geschillencommissies vanaf 1984. (europarl.nl)

1993

Henriëtte Poels-Peters
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau  
1993
Venray
Henriëtte Poels-Peters zat bijna een kwart eeuw in de Venrayse gemeentepolitiek. Daarnaast was Henriëtte Poels-Peters acht jaar lid van Provinciale Staten. Haar vader Theo werd in 1939 Statenlid en hij was twaalf jaar lang (van 1946 tot 1958) gedeputeerde in Maastricht. Henriëtte kwam in 1970 in de gemeenteraad voor de lokale lijst van Toon Vermeulen. Vier jaar later ging de partij op in Samenwerking Venray. In 1982 deed het CDA zijn intrede in de gemeentepolitiek. Henriëtte Poels-Peters stapte met het overgrote deel van Samenwerking over naar het CDA. In dat jaar werd ze gekozen tot wethouder van sociale zaken. Van 1974 tot 1982 was ze tevens lid van Provinciale Staten. Na de verkiezingen van 1986 werd ze opnieuw door het CDA voorgedragen als wethouder. De partij was intern echter verdeeld. Toen de andere partijen daar lucht van kregen, schoven die het CDA-raadslid Marlies de Loo naar voren. Henriëtte Poels-Peters verloor met een stem verschil. Toch bleef ze nog twee perioden raadslid voor het CDA. In 1994 nam ze afscheid van de politiek. Daarna bleef ze nog jarenlang maatschappelijk actief bij allerlei organisaties en verenigingen.  Ze was onder meer voorzitter van de muziekfederatie in Venray, lid en voorzitter van de afdeling Venray van de Hartstichting, voorzitter van de stichting Opmaat en bestuurslid van MMSK St. Petrus’ Banden. Verder was ze jaren voorzitter van een stembureau tijdens de verkiezingen, voorzitter van een van de bridgeverenigingen en betrokken bij de oprichting van de Venrayse kinderbescherming. (peelenmaasonline)

Elly van Hulst
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
1993
Portugal
Elly van Hulst heeft als atlete een fraaie erelijst. Ze werd twee keer wereldkampioene (1985 indoor 1500 meter, '89 indoor 3000 meter) en veroverde drie Europese titels op de 3000 meter ('88, '89, '90). In '89 liep ze op de 3000 meter indoor een wereldrecord. Haar tijd (8.33,82) werd pas twaalf jaar later verbeterd. De in Culemborg geboren Van Hulst kwam twee keer uit op de Olympische Spelen. In 1984 bereikte ze in Los Angeles de finale 1500 meter, waarin ze zesde werd. Vier jaar later werd ze in Seoul negende op de 3000 meter. ,,Dat had het hoogtepunt moeten worden, maar ik ging aan zenuwen ten onder. In de finale was ik al na honderd meter 'dood'.'' Van Hulst (65 keer Nederlands kampioen) werd in in '89 sportvrouw van het jaar. (Leeuwarder Courant)

1992

Ann Hasekamp

Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
1992
Rijswijk
Ann Hasekamp speelde nog tot op hoogbejaarde leeftijd. Op de planken en in films. Samen met haar man Ton Lutz, 'Toneelvader des Vaderlands', creëerde zij vele producties. Haar man als regisseur of acteur, zij als de ster van het stuk. Bij de Haagsche Comedie, het Rotterdams Toneel, Globe en de Toneelgroep Amsterdam speelde Hasekamp jarenlang en vol enthousiasme. Toneelstukken waarinj ze acteerde, zoals Drie zusters en De kersentuin van Tsjechov, zorgden voor uitverkochte zalen. Voor haar rol in De kersentuin ontving Hasekamp in 1971 de Colombina voor de beste vrouwelijke bijrol. Maar op de voorgrond treden deed ze niet. Het was niet de erkenning of de roem waarvoor Hasekamp toneel speelde. Het was haar passie voor het vak. Op haar 65e werd Hasekamp benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau voor haar werk aan het toneel en haar inzet voor Amnesty nternational. Op het Amsterdams Toneel kreeg ze niet voor niets de bijnaam 'Ann-nesty'.Het grote publiek kent de actrice van tv-series als Het zonnetje in huis, waarin ze begin jaren '90 de rol van de moeder van Catharina vertolkte, en de tv-serie Kind aan Huis waarin ze in 1997 Oma Lilian speelde. In Oorlogsrust (2006) schitterde Hasekamp als mevrouw Boon, die in een Jappenkamp gezeten had en in Affair play
(1995) speelde ze tante Caroline. 'Een nogal ingrijpend ongeluk' van Festival van het ongespeelde stuk in 1996 was haar laatste professionele toneelrol. Hasekamp begon bij het Voorburgs amateurtoneel. Via het studententoneel belandde ze bij de Haagsche Comedie. Op haar vierentwintigste kreeg ze haar eerste professionele jaarcontract. In de beginjaren ontmoette ze Ton Lutz, die bevreind was met de vriend van haar zus. Tijdens een logeerpartij zag hij Ann staan en werd verliefd. Lutz trouwde in 1947 echter met Ina Kranenborg, die zwanger was. Eind jaren vijftig ontmoetten Hasekamp en Lutz elkaar weer tijdens de repetities van 'De min in 't Lazarushuis' van het Rotterdams Toneel. Ze kregen een relatie. Die jaren bij het Rotterdams Toneel beschreef Hasekamp als 'de gouden jaren'. Lutz scheidde pas halverwege de jaren zestig van zijn eerste vrouw en op 30 maart 1973 trouwden Hasekamp en Lutz. Het toneelpaar kreeg geen kinderen.
Peter Oosthoek, Cees Laseur, Paul Steenbergen, haar echtgenoot Ton Lutz en Pjotr Sjarov leerden Hasekamp de fijne kneepjes van het vak. Sjarov stimuleerde de toen net beginnende actrice om nooit op te geven. En opgeven was inderdaad vreemd voor Hasekamp. (Algemeen Nederlands Persbureau ANP)

1991

Mien de Rover-de Vos

Eremedaille behorende bij de Orde van Oranje-Nassau in zilver
1991
Hardinxveld-Giessendam
Mien de Rover-de Vos is twaalf jaar als ze haar eerste muzieklessen krijgt van Jan C. Verdonk. Twee jaar later begint ze zelf met lesgeven en nog eens twee jaar later krijgt ze de leiding over het B-orkest 'Fris en Vrolijk' en in 1958 richt ze haar eigen gitaar- en mandolineorkest ,De Plektrum Melodisten' op waar ze al 52 jaar de spil van is. ,,We hebben concerten gegeven in binnen- en buitenland en hebben diverse radio-optredens verzorgd. Ook hebben we cd's gemaakt", vertelt Mien. De Plektrum Melodisten concerteerden verder in Oostenrijk, Italië en in vele plaatsen in Nederland. Aan de concerten werkten bekende artiesten mee, als Thijs van Leer, Julian B. Coco, Connie van de Bosch, Marie Cecile Moerdijk, Lori Spee, Lenny Kuhr, Berdien Stenberg, Bér Schellings, Martine Bijl en vele anderen. ,,We gaven klassieke concerten en populaire uitvoeringen. In de laatste werd meestal een toneelstuk opgevoerd door eigen leden, later werden dat musicals. En verder namen we deel aan de Gondelvaart, we bakten oliebollen en poffers. Eén van die vele dingen die Mien deed was het regisseren van het herdenkingsspel 'De grote verdrukking' ter gelegenheid van vijftig jaar bevrijding. Zij kreeg het lintje door de toenmalige burgemeester Van Wouwe opgespeld. (het kompas)

1989

Marina Agatha Müller-van Ast
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
April 1989
Den Haag
Marina Agatha Müller-van Ast is een voormalig Nederlandse politica voor de PvdA. Ze werkte voordat ze de politiek in ging als medewerkster van een administratiekantoor in Den Haag. In 1966 werd ze lid van de gemeenteraad van Oss, en in 1973 ook van de Provinciale Staten van Noord-Brabant. Beide functies behield ze tot 1978. In 1977 werd ze lid van de Tweede Kamer. Ze was lid van de werkgroep volkshuisvesting van de PvdA, en bij haar werk in de Kamer was ze dan ook veel actief op dit gebied. Van 1986 tot 1989 was Müller ondervoorzitter vaste commissie voor het gehandicaptenbeleid. (wikipedia)

1986

Beppie Verhees-van Wijk

Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
1986
Beuningen
In 1962 komt Verhees voor het eerst en als eerste vrouw in de Beuningse gemeenteraad. Aanvankelijk op persoonlijke titel. Later voor de Katholieke Volkspartij en nog later voor het Christen Democratisch Appel.
Vanaf 1974 is Bep Verhees wethouder en raadslid. Zij maakt drie termijnen vol als wethouder. Vanaf 1982 is zij loco-burgemeester en vanaf augustus 1986 vervangt zij bij zijn vertrek burgemeester Lurvink. Zij blijft aan totdat de huidige burgemeester Huis Zijlmans het ambt aanvaardt. Als bestuurslid vervulde zij ook diverse regionale bestuurstaken, bijvoorbeeld in de begeleidings- en indicatiecommissie van de Wet op de Bejaardenoorden, de Regionale Basisgezondheidsdienst Nijmegen e.o. en Schooltandverzorging Kring Maas en Waal. Bep Verhees vervulde niet alleen bestuurlijke taken voor de gemeente. Zij was ook acht jaar lid van de Gelderse Provinciale Staten. Daarnaast was zij voorzitter van de stichting dorpshuis Lèghe Polder en was zij actief voor fanfare Kunst en Volharding in Beuningen. Zij is nog steeds lid van Seniorenvereniging Beuningen en van de stichting die het Seniorenhuis runt. (De Gelderlander)
 
1985

Dicky Blok-Nomen

Eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau in goud
Januari 1985
Berkenwoude
Dicky Blok was ooit de eerste vrouw in de Perkouwse raad en stond ze aan de wieg van Gemeentebelang. Ze was een pionier in de jaren zestig en wist met gedrevenheid en overtuiging politiek stelling te nemen. Dicky was 28 jaar raadslid, zette zich vrijwillig 35 jaar in voor de zondagsschool en 30 jaar samen met haar man voor zwembad Scharlesooi. Bij het opheffen van de gemeenteraad van Berkenwoude op en sinds 2003 is ze ereburger van Bergambacht.
Een van de dingen waar zij voor streed, is het invoeren van zwemles voor basisscholen in Berkenwoude. Hiervoor maakte zij zich sterk toen een kind was verdronken omdat het niet kon zwemmen. Ze was voor alles en op elk tijdstip benaderen. ,,Waar mijn fiets tegen de muur stond, daar was ik. Iedereen wist mij te vinden.'' (AD/Groene Hart)

1981

Mw. drs. N. Kroes

Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau (1989)
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (1981)
Mw. drs. N. Kroes deed doctoraal-examen economische wetenschappen aan de Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam. Zij was lid van de Raad van Bestuur van een transportbedrijf en was wetenschappelijk medewerkster aan de Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam. Daarnaast was zij lid van de Kamer van Koophandel en Fabrieken van Rotterdam en lid van de gemeenteraad van Rotterdam. Van 3 augustus 1971 tot en met 27 december 1977 en van 27 augustus 1981 tot en met 3 november 1982 was zij lid van de Tweede Kamer. Mevrouw Kroes was van 28 december 1977 tot 11 september 1981 staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat in het kabinet Van Agt I. Minister in die periode was ir D.S. Tuijnman. Van 4 november 1982 tot 14 juli 1986 was Smit-Kroes minister van Verkeer en Waterstaat in het kabinet Lubbers I, met als staatssecretaris drs J.F. Scherpenhuizen. Tot slot was zij van 14 juli 1986 tot 7 november 1989 minister van Verkeer en Waterstaat in het kabinet Lubbers II. (verkeerenwaterstaat.nl)

Anne-José Billekens
Eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau in goud
1981
Venray
'Zingende zuster' Anne-José Billekens was veertig jaar werkzaam binnen het Psychiatrisch Centrum Venray. De zuster van liefde stond niet bóven de patiënten van het toenmalig Psychiatrisch Centrum Venray (nu GGZ Noord- en Midden- Limburg) maar er tussenin. Billekens had haar groot hart verpand aan de patiënten. Meteen al toen ze na een bezoek aan een vriendin die verpleegkundige was bij St.-Anna (tehuis voor psychiatrische patiënten in Venray) ook koos voor de verpleging. Billekens deed het wel via een omweg. Ze besloot een einde te maken aan haar verkering en toe te treden tot de zusters van liefde uit Gent. In 1951 kwam ze terug naar Venray en ging in St.-Anna werken. Daar was ze onder meer verpleegkundige, coördinatrice bejaardenactiviteiten, sociaal-cultureel werkster en ondersteunend medewerkster liturgische vieringen. Verder werkte ze onder meer mee aan het opzetten van het St.-Annamuseum en verleende ze hulp aan ouders van drugsverslaafden. In de jaren zestig maakte Anne- José Billekens deel uit van de Zingende Zusters. Samen met zuster Laetitiae de Boeck (bij wie Billekens tot haar dood woonde) en zuster Jovita trad ze vele malen op. Van de levensliederen van de Zingende Zusters werden vier singles en twee elpees uitgegeven. Verder traden ze op voor televisie en waren ze regelmatig op de radio te horen.(Dagblad De Limburger)

1979

Nini Boesman
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
April 1979
Den Haag
Nini Boesman werd op haar achttiende gegrepen door de ballonvaart. Ze maakte 800 avontuurlijke vaarten, veel met haar man Jo, kreeg internationale erkenning voor haar inzet en maakte op haar negentigste nog haar eerste tocht met een zeppelin. Hun huwelijk was een avontuurlijk bestaan, met ballonvaarten over de Alpen, boven Pakistan, in Afrika, Haïti, over de Noordpool. Nini Boesman haalde in 1948 als eerste Nederlandse vrouw het brevet van balloncommandante. Ze voer niet in een luchtballon met een brander eronder, maar in een gasballon, te herkennen aan het mandje waar vele zandzakken aan hangen. Samen met haar man Jo deed ze mee aan de Gordon Bennettrace, een wedstrijd alleen voor gasballonnen. De race is in 1907 ingesteld door de Amerikaanse miljonair James Gordon Bennet jr, eigenaar van de New York Herald. Met haar man deelde Nini Boesman ook de belangstelling voor de geschiedenis van de ballonvaart. Ze was dertig jaar voorzitter van de luchtvaarthistorische vereniging van de Koninklijke Nederlandse vereniging voor luchtvaart. Pas op haar negentigste, gaf ze de voorzittershamer over aan haar opvolger.
Van de 800 vaarten die ze maakte waren er genoeg waarbij de wind de mand een onverwachte kant op blies. Zo landde Nini Boesman ooit in de Noordzee, samen met een paniekerige Godfried Bomans. Met ballonvaren is Nini Boesman doorgegaan zolang dat nog kon. Toen het niet meer ging, ze was toen ver in de tachtig, bleef ze lezingen geven. Er gingen dozen dia's mee en een paar beduimelde blaadjes waar ze aantekeningen op gemaakt had. Voor haar inzet voor de geschiedenis van de ballonvaart ontving ze een koninklijke onderscheiding. Het echtpaar kreeg internationale erkenning door hun deelname aan wedstrijden en hun inzet voor de toekomst van de gasballonvaart, door het opleiden van piloten. In Nederland organiseerden Nini en Jo Boesman meer dan veertig Internationale Holland Ballon Races. De portretten van Nini en Jo Boesman hangen in de Hall of Fame van het Balloon & Airship Museum te Mitchell. Nini Boesman werd ereburger van deze stad.(Trouw)

1976

Tine den Hoed
Eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau in goud
1976
Arnhem
Tine den Hoed was een der laatste Arnhemse diaconessen. In 1966 waren er nog bijna zeventig, in 1983 nog 36, nu nog drie: zuster Vink in Herveld, zuster Wijnia in Franeker en zuster Olthof in Zwolle. Diaconessen waren protestantse celibatair levende vrouwen die hun leven in dienst stelden van de verpleging van ouderen en zieken. Tot 1974 hadden ze een witte kraag en droegen ze een wit kapje, dat met een grote strik onder hun kin was vastgebonden. Sinds 1884 waren ze in Arnhem actief. In dat jaar stichtte een groep notabelen onder leiding van dominee Creutzberg een protestants ziekenhuis, het Diaconessenhuis. Tine den Hoed liet zich in 1961 in Arnhem als diacones inzegenen. Ze had toen al een heel leven als verpleegkundige achter de rug in ziekenhuizen in Rotterdam, Amersfoort en Leeuwarden. In 1955 kwam ze in het Arnhemse Diaconessenhuis werken als hoofd van de polikliniek voor chirurgie. Dat was een baan voor een stevige persoonlijkheid, maar dat was Tine dan ook. Ze had humor, kon smakelijk lachen, maar als het moest ook streng uit de hoek komen. Ze kon veel werk verzetten. Ze bleef altijd diacones, maar ging in 1964 opnieuw in Friesland werken, als directrice van een bejaardenhuis. Pas na haar pensionering kwam ze naar Arnhem terug, waar ze zelfs nog even in de poli werkte. (De Gelderlander)

1972

Maria Zwijgers 'Marie van de Stoof'

Eremedaille verbonden aan de Orde van Oranje-Nassau in brons
1972
Klundert
Maria zag er op 28 december 1908 het levenslicht om vervolgens nooit meer de Stadsedijk te verlaten. Voor een man was in haar leven geen plaats. Ze stortte zich liever op haar werk als dienstmeid bij de familie Boertjes, die zich in de jaren vijftig ging bezighouden met de aanleg van een camping op Bovensluis. Bijna een halve eeuw was ze bij de Boertjes' in dienst. (BN/DeStem)

1968

Ada Kok
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
April 1968
Zaandam
Op 24 oktober 1968 schreef Ada Kok geschiedenis in de Alberca Olimpica-zwemhal in Mexico Stad. De Zaanse won de finale van de 200 meter vlinderslag en werd daarmee de eerste Zaanse die olympisch goud veroverde. Prinses Irene hing Ada in Mexico Stad persoonlijk de gouden medaille om en de Zaandamse burgemeester Reint Laan stuurde per omgaande een telegram: ,,Namens alle stadgenoten wens ik U van harte geluk met uw prachtige prestatie.'' Ook koningin Juliana zond Ada een telegrafische gelukwens. Datzelfde deed minister Marga Klompé. Ada Kok, geboren in 1947, timmerde al vanaf 1961 aan de weg als Nederlands jeugdkampioene op de 100 meter vlinderslag en een Europese titel op deze afstand in 1962. In 1963 zwom zij haar eerste wereldrecord en dat zou zij later nog tien keer herhalen, steeds op de 100 en 200 meter vlinderslag. Bij de Olympische Spelen van 1964 in Tokio behaalde zij haar eerste olympische medailles. Een zilveren op de 100 meter vlinderslag en nogmaals zilver op de 4 x 100 meter estafette wisselslag met Kornelia Winkel, Klena Geertje Bimolt en Erica Terpstra. Bij de Europese kampioenschappen in 1966 in Utrecht behaalde zij tweemaal goud, zowel op de 100 meter vlinderslag als op de 4 x 100 meter estafette wisselslag.
Voor haar sportieve prestaties kreeg ze op 30 april 1968 een Koninklijke Onderscheiding opgespeld door burgemeester Laan. Ze werd met haar twintig jaar daarmee de jongste 'ridder' in de geschiedenis. (Noordhollands Dagblad)

Mevrouw Adrie Werther-van Suijlekom
Ridder in de Orde van Oranje Nassau
April 1986
Almkerk
Adrie Werther- van Suijlekom was vele jaren politiek en maatschappelijk actief in het Land van Heusden en Altena. Al in de zestiger jaren maakte ze haar politieke debuut. Voor vrouwen was dat in die tijd, zeker in deze streek, opvallend. In 1963 kwam ze voor de Christelijk Historische Unie (CHU) in de gemeenteraad van de toenmalige gemeente Almkerk. Twee jaar later, in 1965, werd ze wethouder na het overlijden van wethouder A. Nieuwenhuizen. Na de gemeentelijke herindeling van het Land van Heusden en Altena waarin een deel van de gemeente Almkerk opging in de gemeente Woudrichem, werd ze raadslid van de nieuwe gemeente en later ook wethouder. Ze hield zich vooral bezig met de 'zachte' onderwerpen, zoals sociale zaken, welzijn, cultuur en sport. (Brabants Dagblad)

1956

H.M. Beatrix Wilhelmina Armgard, koningin der Nederlanden, prinses van Oranje-Nassau, prinses van Lippe-Biesterfeld, enz., enz., enz. (koningin Beatrix)
Ridder Grootkruis in de Orde van de Nederlandse Leeuw
1956
Den Haag
Koningin Beatrix is sinds 30 april 1980 staatshoofd van ons land. Zij is de oudste dochter van koningin Juliana en prins Bernhard. Koningin Beatrix studeerde in Leiden en heeft speciale belangstelling voor het gehandicaptenbeleid en voor cultuur. In 1966 huwde zij met Claus von Amsberg, die in 2002 overleed. Koningin Beatrix heeft drie zonen, die allen getrouwd zijn. Koppelt bij de uitoefening van haar functie een grote plichtsbetrachting aan werkkracht en drang tot perfectionisme. Zij is Grootmeester der Militaire Willems-Orde, Grootmeester van de Orde van de Nederlandse Leeuw, Grootmeester van de Orde van Oranje-Nassau,Grootmeester van de (Huis-)orde van de Gouden Leeuw van Nassau (samen met de Groothertog van Luxemburg), en voorzitter van de Raad van State, vanaf 30 april 1980. Zij was o.m. burgemeester van miniatuurstad Madurodam, van 2 juli 1952 tot 30 april 1980 en president Europese Werkgroep (leidde o.a. steun aan door aardbeving getroffen dorp Dousadj (Perzië)), voorzitter van het Comité Nationale Herdenking 1813-1963, van 21 februari 1963 tot december 1963. Zij heeft voorts diverse buitenlandse onderscheidingen. (parlement.com)

1964

Sjoukje Rosalinde Kossmayer-Dijkstra (Sjoukje Dijkstra)

Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
April 1964
Hilversum
Sinds de legendarische, in Akkrum geboren kunstrijdster zilver won bij de Winterspelen van 1960, bleef ze vier jaar lang nagenoeg ongeslagen. In 1960 werd Sjoukje Dijkstra voor het eerst Europees kampioene en na haar zilveren medailles datzelfde jaar op het WK en de Olympische Spelen, wist ze dat haar maar één ding te doen stond: ze moest vier jaar doorgaan voor het ultieme doel, de gouden olympische plak. In de eerste maanden van 1964 greep Sjoukje Dijkstra (toen 22) haar 'Grand Slam': nationaal kampioene, Europees kampioene, wereldkampioene én olympisch kampioene. Slechts één ding kon haar bij de Spelen van Innsbruck uit de concentratie halen. ,,Ik was heel trots toen ik hoorde dat koningin Juliana er was. Mijn trainer zei: 'Kom maar mee, ik laat je zien waar de koningin zit en daarna moet je het vergeten'. Anders had ik tijdens het rijden misschien telkens naar haar gekeken. Maar ik reed wel voor haar. Na de wedstrijd ben ik naar haar toe gegaan. Prins Bernhard en de prinsessen Beatrix en Margriet waren er ook. Ik vond het geweldig.'' Sportieve hoogtepunten: Vijf keer Europees kampioene kunstrijden (1960 t/m 1964); drie keer wereldkampioene (1962 t/m 1964), olympisch kampioene (1964), zes keer nationaal kampioene (1959 t/m 1964). Zes keer Sportvrouw van het Jaar (1959 t/m 1964). Olympische Winterspelen: Drie deelnames; 1956 (12e), 1960 (zilver), 1964 (goud). Tussen 1964 en 1973 was Sjoukje Dijkstra professioneel kunstrijdster bij de Amerikaanse ijsrevue Holiday on Ice. (Leeuwarder Courant)

1926

Alida Johanna Maria Tartaud-Klein
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
1926
Rotterdam
Toneelkunstenares. Zij heeft gespeeld in rollen van Ibsen: Maria Stuart, De maagd van Orleans en ook in stukken van Moliere. Zij heeft daarnaast ook Kniertje gespeeld in Op hoop van zegen.
(De Nederlandse ridderorden)


 

 

 
Joomla 1.5 Templates by JoomlaShine.com