ORDE VAN DE NEDERLANDSE LEEUW OP JAARTAL
Jaren 1815 t/m 1995 Jacob Vredenbregt Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw 1991 Jakarta (Indonesië) De schrijver en antropoloog Jacob Vredenbregt wordt op 20 november 1926 in Schiedam geboren. In de oorlog duikt hij onder voor de Arbeitseinsatz. In mei 1945 meldt hij zich aan bij de mariniers. Twee jaar later wordt Vredenbregt neergeschoten door soldaten van het Republikeinse Leger. Hij zit maandenlang vast in een gevangenis in Yogyakarta. Daarna keert hij terug naar Nederland voor een rechtenstudie aan de Universiteit Utrecht. In 1951 reist hij naar Indonesië en werkt op een grootlandbouwbedrijf in Soerabaja. Na vijf jaar gaat hij niet-westerse sociologie en antropologie studeren aan de Universiteit Leiden. Eind jaren zestig maakt hij voor het magazine Avenue enkele reizen, onder meer naar het Midden-Oosten. In 1978 adopteert hij twee meisjes in Zuid-Sulawesi en schrijft enkele jaren later zijn eerste roman. Het professionele leven van Vredenbregt was grotendeels gewijd aan de Nederlandse samenwerking met Indonesië voor onderwijsverbetering. Onder zijn regie kreeg het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) weer een sterke vertegenwoordiging in Jakarta. Hij is vertegenwoordiger van het KITLV en doceert hij methodologie op Indonesische universiteiten.(Elsevier) 1990 Dr A.G.W.J (Ad) Lansink Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, 1998 Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, April 1990 Als CDA-Tweede kamerlid hield Ad Lansink zich voornamelijk bezig met onderwerpen als milieu, energie, hoger onderwijs, studiefinanciering en volksgezondheid (1977 – 1998). In een door Lansink ingediende en aangenomen motie 'De Ladder van Lansink' (1979) drukte hij een stempel op het Nederlandse afvalverwerkingsbeleid. De standaard voor omgaan met afval werd ingedeeld in; preventie, hergebruik, verbranding en storten. Naast zijn Kamerlidmaatschap bekleedde hij bestuursfuncties in de KNVB, onder andere als voorzitter van de sectie amateurvoetbal. Overige functies: (vanaf 2008) professioneel bestuurder bij o.a. E.ON, toezichthouder bij Knowaste (2004 – 2007), fractievoorzitter van de Nijmeegse Raad (1974 – 1982) en werkzaam in het hoge onderwijs, als onder meer biochmicus aan de Universiteit Nijmegen (1964 – 1977). Nevenfuncties: voorzitter van de Gelderse Milieu Federatie, voorzitter van Zonnekrachtteam Nijmegen, lid van de raad van toezicht COVRA, voorzitter van Zeelandstichting Nijmegen, secretaris-penningmeester van de vereniging van Oud Leden Tweede Kamer, Chairman bij de Federatie Herwinning Grondstoffen. (managementscope) 1989 Els Borst Ridder in de Orde van Nederlandse Leeuw, 1989 Officier in de Orde van Oranje-Nassau, 2002 Amsterdam Els Borst gaat in 1950 geneeskunde studeren aan de Universiteit van Amsterdam. Ze kiest voor een opleiding tot kinderarts. In 1972 promoveert zij aan de Universiteit van Amsterdam. In de daarop volgende loopbaan is zij arts, ziekenhuisdirecteur, hoogleraar en vicevoorzitter van de Gezondheidsraad. Vanaf 1968 is ze lid van D66. In 1994 wordt ze minister van Volksgezondheid. Bij de volgende verkiezing is ze lijststekker voor D66. In Paars II is zij, naast minister, eveneens vicepremier. Tijdens haar ministerschap werden medisch-ethische kwesties geregeld zoals euthanasie, medisch-wetenschappelijk onderzoek en onderzoek met embryo’s. Als minister krijgt zij te maken met de problematiek van wachtlijsten in de zorg en het tekort aan medisch personeel. (medicalfacts) Marina Agatha Müller-van Ast Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw April 1989 Den Haag Marina Agatha Müller-van Ast is een voormalig Nederlandse politica voor de PvdA. Ze werkte voordat ze de politiek in ging als medewerkster van een administratiekantoor in Den Haag. In 1966 werd ze lid van de gemeenteraad van Oss, en in 1973 ook van de Provinciale Staten van Noord-Brabant. Beide functies behield ze tot 1978. In 1977 werd ze lid van de Tweede Kamer. Ze was lid van de werkgroep volkshuisvesting van de PvdA, en bij haar werk in de Kamer was ze dan ook veel actief op dit gebied. Van 1986 tot 1989 was Müller ondervoorzitter vaste commissie voor het gehandicaptenbeleid. (wikipedia) Joris Ivens Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw 1989 Parijs De bekende Nederlandse cineast Joris Ivens (1898-1989) reisde in 1945 naar Australië om als speciale commissaris voor de Nederlandse Film een propagandafilm te maken over de kolonie Nederlands-Indië. Hij kreeg de opdracht een documentaire te maken waaruit zou blijken dat het voor de Aziatische kolonie beter was om onderdeel te blijven uitmaken van het Koninkrijk der Nederlanden dan op eigen benen te komen staan. De eigenzinnige Ivens maakte echter een persoonlijke afweging en vond dat het voor de Indonesiërs beter was op eigen benen te komen staan. Volstrekt in tegenspraak met zijn opdracht, maakte hij in Australië in oktober en november 1945 opnamen van de strijd voor Indonesische onafhankelijkheid en maakte daarmee een 22 minuten durende pro-onafhankelijkheidsfilm: Indonesia Calling. Onafhankelijk, kritisch en anti-koloniaal. In de film besteedt Ivens aandacht aan de ontwikkelingen rond de Stirling Castle. De scène waarin er over en weer attributen worden gegooid tussen de demonstranten op de werf en de militairen wordt nagespeeld. Als reactie werd de afvallige cineast in Nederland verketterd. Hij was een tijdje persona non grata en vergaarde zijn latere roem voornamelijk met producties in het buitenland. In de jaren tachtig werd Ivens' cinematografische talent alsnog openlijk onderkend, toen hij in 1988 ereburger van zijn geboortestad Nijmegen werd en koningin Beatrix hem een jaar later zelfs tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw benoemde. (BN/DeStem) 1988 Maarten Engwirda Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (1988) Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau (2010) Maarten Engwirda, voormalig D66-Kamerlid, begon in 1996 als Nederlands lid van de Europese Rekenkamer. De onafhankelijke Europese Rekenkamer in Luxemburg controleert de uitgaven en inkomsten van de Europese Unie. Naast een jaarverslag, waarin staat hoeveel procent van het EU-budget (on)rechtmatig is besteed, publiceert de Rekenkamer jaarlijks 50 speciale rapporten over de effectiviteit van EU-subsidies voor talloze projecten. Elk van de 27 EU-landen levert één lid voor de Rekenkamer. In totaal telt de Rekenkamer 880 werknemers, onder wie ruim 500 controleurs. Engwirda was 15 jaar lid van de Europese Rekenkamer. (de Volkskrant) 1986 Frans Fey Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw 1986 Roermond Frans Fey (tot 1971 KVP, daarna VVD), was burgemeester in Breda van 1984 tot 1990. (AD) 1984 prof. dr. dr. h.c. E.H. Kampelmacher Officier in de Orde van Oranje Nassau, 1969 Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 1984 Utrecht Dan Kampelmacher werd op 6 mei 1920 geboren te Wenen. In 1938 kwam hij op de vlucht voor het nazisme naar Nederland. Na veel omzwervingen dook hij onder als boerenknecht, onder andere in het Twentse Wiene. In 1942 ging hij in het verzet. Na de oorlog begon hij met de studie diergeneeskunde, waarvan hij in 1951 het diploma behaalde. In 1952 kwam hij als dierenarts te werken in Breukelen. Ondertussen verrichtte hij wetenschappelijk onderzoek, waarop hij in 1953 promoveerde. Het jaar daarna werd hij benoemd tot dierenartsbacterioloog bij het RIVM. Hierna volgde een indrukwekkende carrière, waarin hij onder andere werd benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Universiteit van Wageningen (in 1970) en tot wetenschappelijk directeur van het RIVM (in 1975). Naast zijn carrière zette Kampelmacher zich actief in voor de diergeneeskunde. Hij was tien jaar lang voorzitter van de redactie van het Nederlands Tijdschrift voor Diergeneeskunde (1960 tot 1970) en maakte van 1969 tot 1973 deel uit van het hoofdbestuur van de KNMvD. Vanaf 1983 was hij voor vier jaar vicepresident van de internationale dierenartsenorganisatie WVA. Voor zijn verrichtingen binnen en buiten de diergeneeskunde ontving Kampelmacher meerdere binnen- en buitenlandse onderscheidingen. Twee jaar na zijn pensionering in 1985 trad hij aan als voorzitter van de KNMvD. Hij kreeg de taak het door een bestuurscrisis gedeukte imago van de KNMvD op te poetsen. Hij vervulde deze positie vanaf 1987 tot 1993. In zijn twee ambtsperiodes als voorzitter legde hij zich erop toe het secretariaat te reorganiseren en tot een goed functionerend geheel te maken. Verder schreef hij een nota waarin hij dierenartsen wilde overtuigen van het belang lid te zijn van de KNMvD. In 2008 verscheen van zijn hand het boek 'Gevecht om te overleven. Mijn diaspora na de Anschluss', waarin Kampelmacher verhaalt over zijn oorlogs- en onderduikervaringen. Hij was Erelid van de KNMvD. (knmvd) 1967 Johan Wilhelm van Hulst Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw 1967 Amsterdam Schaker, staatssecretaris, minister Van Hulst komt uit een Nederlands-Hervormd nest. Zijn vader was meubelstoffeerder, zijn broer Gerard schrijver, componist en kunstschilder. Na de Hervormde Kweekschool werd hij onderwijzer en leraar in achtereenvolgens Oudewater, Utrecht en Amsterdam. Als directeur van de Pedagogische Academie redde hij tientallen Joodse baby's en kinderen uit de crèche van de Hollandsche Schouwburg. In 1973 werd hij hiervoor onderscheiden met de Yad Vashemmedaille. In de politiek bekleedde Van Hulst vele functies. Hij was van 1956 tot 1981 lid van de Eerste Kamer, van 1961 tot 1968 lid van het Europees Parlement, van 1969 tot 1972 voorzitter van de CHU en van 1977 tot 1981 fractievoorzitter van het CDA in de Eerste Kamer. Hij was ook hoogleraar pedagogiek aan de Vrije Universiteit. (Het Parool 1966 Dr. Johannes Marten (Joop)den Uyl Grootofficier in de Orde van Oranje-Nassau (9 september 1982) Commandeur in de Orde van Oranje-Nassau (11 april 1978) Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (5 december 1966 ) Amsterdam Joop den Uyl vervulde in de periode tussen 1956 en 1987 de functies van lid Tweede Kamer, fractievoorzitter, minister, minister-president en vice-minister-president. Hij heeft de volgende nevenfuncties bekleed: Redacteur kerkelijk pers Groot Gereformeerd Studentenblad Libertas ex Veritate (1940 - 1941); Medewerker verzetsblad De Nieuwe Vrijheid (1944 - 1945); Plaatsvervangend lid SER (Sociaal-Economische Raad); Lid commissie van onderzoek wijziging rechtsvorm van de onderneming (commissie-Verdam) (1960 - 1965); Kabinetsformateur (1977); Informateur (1977); Kabinetsformateur; Lid commissie-Palme inzake wapenbeheersing en ontwapening (omstreeks 1984) en voorzitter jury AKO-literatuurprijs 1988. (Elsevier) 1845 Willem Jan Knoop Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw 1845 Willem Jan Knoop was een kleurrijk man. Hij koos voor een militaire carrière en werd in 1842 leraar krijgsgeschiedenis aan de Koninklijke Militaire Academie in Breda. In 1845 kreeg hij zijn lintje. En dat was raar, want Knoop was in 1844 veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf omdat hij getuige was geweest bij een duel waarbij een KMA-leraar was omgekomen. Koning Willem II gaf hem echter gratie en daarna een lintje. Niet vanwege dat duel uiteraard, maar omdat Knoop in een boek Willem II had verdedigd tegen Engelse beschuldigingen dat hij zich laf had gedragen tijdens de Slag bij Waterloo in 1815. Knoop kon dus bij Willem II niet meer stuk. Anders lag dat bij Willem III: in 1862 weigerde Knoop een benoeming tot minister van defensie ,,daar hij wist dat zijn persoon de koning niet aangenaam was. Knoop nam zelden een blad voor de mond en daar kon Willem III niet goed tegen, ook al genoot Knoop veel gezag als militair organisatiedeskundige én - zelfs nu nog - als krijgshistoricus. (kliknieuws0 |